Na tien uur rijden op slingerwegen kwam ik uitgeteld aan in Gonubie, nabij East London. En zo kon mijn tocht naar de Kaap echt beginnen. De volgende dag ging ik op bezoek bij de ouders van Stephan die me verwelkomden als hun langverloren dochter. Omdat mijn lichaam het even begaf, bleef ik langer dan verwacht en zag ik quasi niets in de omgeving. Ondertussen had ik slechts drie dagen over om de kaap te bereiken, dus waren mijn stops onderweg heel beperkt. Zo moest ik jammer genoeg Tsitsikamma links laten liggen; ik kan nog steeds niet deftig wandelen met die verdomde enkel dus kon er toch weinig gaan doen. De N2 die ik nam is zowat de E40 bij ons; als de zon schijnt in de vakantie is er geen beginnen aan. De stranden die ik in Plettenberg en Hermanus bezocht hadden dan ook een hoog Blankenberge-gehalte. Behalve dat de Indische oceaan net iets blauwer is dan de Noordzee en de hoogbouw langs de kust vervangen werd door rotsen en heuvels. Ik passeerde Kaapstad en reed rechtstreeks door naar Fynbos in Malmsebury waar ik tot het einde van mijn verblijf hier zou werken. Nog voor aankomst had ik echter al een wrang gevoel en na twee dagen in de keuken werken met een scheldende chef had ik het gehad. Ik pakte mijn valies terug in en begon erover te denken om terug naar Drakensberg te keren. De ondraaglijke hitte joeg me eerst naar het strand in Yzerfontein waar ik vastberaden de Atlantische oceaan in wou springen. Dat was buiten de Antarctische temperatuur gerekend, meer dan een ijsbadje voor mijn enkel is er niet van gekomen. Ik gunde mezelf drie dagen Kaapstad om de stad en de kaap te bezoeken en een plan te maken voor de laatste maand. Zoals jullie weten heb ik het nogal lastig met loslaten. Vooral als ik iets in mijn hoofd heb, dan moet en zal dat gebeuren. Zo was ik vastberaden om voor nieuwjaar terug naar Drakensberg te gaan om met mijn vrienden te vieren. Kaapstad stond bol van het volk. Alsof heel Zuid-Afrika hier verzameld was. De drukte deed me nog meer verlangen naar de rust van de berg en na een positieve reactie van een guestfarm waar ik vrijwilligerswerk kon doen stuurde ik Desmond II 1500km terug noord-oost. Mijn geluk kon niet op toen ik Cathkin Peak terug zag en ik zaterdagavond op het terras samen met Estelle, Spha en Nathi kon klinken op 2017. We facetimeden Marie in Frankrijk zodat ook zij even aanwezig kon zijn.
Mijn nieuwe thuis is Ardmore guest farm, een kwartiertje rijden van Ushaka horse trails waar Estelle is. Voorlopig bestaat mijn job vooral uit het bedienen van gasten tijdens het ontbijt en avondeten, en wat dingen in de keuken, maar ditmaal bij een lieve chef. Hopelijk ga ik op termijn eerder in de tuin mogen werken, want horeca is echt mijn ding niet. Maar het decor en de nabijheid van mijn vrienden maakt veel goed. Drakensberg is een gebergte dat ik nog nergens heb gezien, het heeft iets magisch. Hoewel de kaap zeker ook de moeite was, ben ik dankbaar hier terug te kunnen zijn.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten