vrijdag 23 december 2016
With every sweet hello, there's a bitter goodbye
Zere enkel of niet, ik wou niet bij de pakken blijven zitten dus ging ik op tocht in golden gate. Weliswaar de kortste en gemakkelijkste route. Ik pikkelde door het groene struikgewas langs magnifieke goudkleurige (duh) rotsen. Al wandelend neem je het landschap nog intenser op en ondanks de pijn genoot ik met volle teugen. Het weer in drakensberg is nog steeds even onvoorspelbaar en tegen ik aan het amphitheatre aankwam, zat het alweer verstopt in de wolken. Ik had toch geen tijd, want ik werd bij Hayley en Sasho verwacht voor een macedonisch dinner. Ongeduldig reed ik een van mijn favoriete routes in zuid-Afrika so far: de R74 langs sterkfontein dam. Je valt van de ene verbazing in de andere telkens je om de bocht weer een nieuw landschap kan bewonderen. Mijn welkomstcomite op de boerderij was nog druk in de weer maar desalniettemin bijzonder enthousiast mij terug te zien. Mijn ogen moeten schitterende discoballen geweest zijn bij het terugzien van de mensen, de paarden en het landschap. Hier was het terug mooi weer dus konden we gezellig op het terras eten, en uiteraard drinken. Het was laat en donker toen ik terug naar mijn backpackers reed, maar ik was klaarwakker van de vreugde die mij vervulde. De volgende dag legde ik opnieuw dezelfde weg naar de boerderij af om te gaan paardrijden. Mama Africa stond opgezadeld klaar voor mij en ik vertrok samen met Marie op de korte route - mijn enkel en Marie's paard Siren (dat ze nog aan het trainen was) deden ons voor deze optie kiezen. Ik was vastberaden om nog een laatste keer te genieten van door de velden te galopperen en spoorde Mama aan. Ik vergat mijn enkel en genoot met volle teugen van de snelheid, het ritme, het suizende gras langs het pad. Mama sprong over een tak op de weg, maar ik had haar onder controle - integenstelling tot Marie die alle kanten werd uitgestuurd door Siren. Gelukkig is Marie de betere ruiter en na een rustpauze zetten we weer aan. Siren raasde voorbij met Marie vastgeklampt aan het zadel om er niet afgeslingerd te worden. Wat je moet weten over Mama Africa: ze is het tweede snelste paard en kan het niet goed verdragen om paarden voor haar te zien - ze wordt ofwel lui ofwel wil ze er terug voorbij. Helaas koos ze voor de tweede optie; ze versnelde haar pas zodanig dat ik alle controle en bijgevolg mijn evenwicht verloor. Ik landde pal op mijn onderrug op het harde pad en kon vijf minuten niets anders dan op handen en knieën zitten trillen, terwijl Mama onverschillig stond te grazen naast mij. Tot zover mijn laatste rit bij ushaka horse trails. 's Avonds gingen we met z'n vijven op restaurant; Marie, Estelle (de nieuwe vrijwilliger op de boerderij), Spha, Nathi en ik. Hoewel beide jongens ons steeds gezegd hadden zelden of nooit alcohol te drinken, bestelden ze samen met ons cider. Omdat het een bijzondere avond was - voor het eerst allemaal weer samen. Spha had ondertussen een week in de gevangenis gezeten en vertelde over zijn ervaring aldaar. Het verbaasde me hoe we op 4 weken tijd van vreemden tot zo'n goede vrienden waren geworden. Taxi Katelijne bracht iedereen veilig thuis en zelf moest ik weer een eindje rijden naar inkosana logde, omdat ik niet meer bij Karl mocht overnachten. De volgende ochtend kwamen Estelle en Marie met de fiets naar mij, een hele onderneming daar in de bergen. Afgepeigerd van de klim en onderschatte afstand sprongen ze in de zwemvijver, een perfecte cirkel die uitgeeft op de adembenemende drakensberg. Je zwemt er in een sprookje. We propten de fietsen in Desmond II (er kan meer in een ford fiesta dan je denkt) en reden terug naar de boerderij. Daar haalden we de jongens terug op om naar de langverwachte Zulu-trouw te gaan in een dorpje ergens in de bergen waar nooit blanken komen. We kwamen aan op Afrikaanse tijd en de vrouwen waren al aan het dansen. Omdat de jongens duidelijk toch niet zo overtuigd waren dat iedereen enthousiast zou zijn over hun gezelschap, naderden we stap voor stap terwijl Spha de ouderen aansprak. Het was snikheet - Nathi had een paraplu bij om ons te beschermen tegen de zon. Een oude man, badend in het zweet vanwege de vele, dikke dekens om zijn schouders, begroette ons. Hij sprak enkel Zulu maar het licht in zijn ogen en zijn uitbundige gebaren vertelden ons dat we welkom waren. Hij was de vader van de bruid en droeg de dekens als teken van respect. We mochten de dans van dichtbij gaan bewonderen; vrouwen die om ter hoogst hun benen in de lucht zwieren op het ritme van een drum die wordt aangeslagen met lege plastic flessen. We werden zelfs uitgenodigd om een traditioneel hutje te bezoeken. Ik wurmde me met al mijn mankementen door het lage deurtje en kwam in een donkere rondavel waar het karkas van de koe die de dag ervoor geslacht was naast een eenpersoonsmatras lag. Boven de deur waren botten van diezelfde koe geplaatst die pas na de trouw mochten verwijderd worden als geluksbrenger. Het plafond was pikzwart roet van de vele vuurtjes die binnenshuis gestookt werden. Ik vraag me af hoe vaak ze die rieten daken moeten vervangen. Terug buiten werden stoelen voor ons geïnstalleerd om de ceremonie verder te bewonderen. Een groepje vrouwen, bruid op kop, kwam al zingend en dansend het dorp binnen en maakte een bocht het veld op. Daarna volgden de mannen. Waar de vrouwen erg traditioneel gekleed waren - velen met ontblootte borsten - was er bij de mannen meer afwisseling tussen Nike en rieten outfits. Een had zelfs een plouchen aap om zijn schouders gebonden. Allen droegen wel speer en schild dat ze door de lucht zwaaiden en in de grond spitten. Zo ging het nog een tijdje door, tot we binnen gevraagd werden om te eten. We namen plaats in het typisch Afrikaanse salon en kregen elk een bord met rijst, rundsvlees, pittige saus en rode biet. Onderweg terug naar huis stopten we nog even op de kerstmarkt waar Hayley en Sasho hun heerlijke kazen verkochten. Zuid-Afrika ten voeten uit; op enkele kilometers afstand werden we van de ene wereld in de andere geslingerd. Nu waren het Spha en Nathi die met hun huidskleur uit de toon vielen. Maar wat alle feestjes hier wel gemeen hebben: alcohol en zatte mensen. Ik moet eerlijk toegeven dat ik op deze witte kerstmarkt toch meer vijandigheid heb ervaren dan in het zwarte dorp; zelfs ik voelde me scheef bekeken om nog maar gewoon om te gaan met zwarten, laat staan wat ze van de zwarten zelf vonden. En daar kwam het Grote Afscheid. Al van 's morgens moest ik mijn tranen bedwingen bij de gedachte alleen dat ik deze plek moest achterlaten, deze mensen. Ik heb hier zoveel geleerd, vooral over mezelf. We hebben zoveel gedeeld en ik ben erg gehecht geraakt aan deze plek, deze momenten. Het is een intens afscheid en als ik de dag erna aan mijn grote rit west begin, komen de tranen meermaals terug. Voor het eerst haat ik rijden in Zuid-Afrika. Ik wil liever blijven.
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten