4000 rpm. Dat gaf Desmond geregeld aan op de Afrikaanse wegen en zo gingen ook de voorbije tien dagen voorbij. Na mijn solitaire avonturen in de canyon adopteerde ik twee Nederlandse meiden. Ik gaf ze onderdak in mijn hutje in Kruger en dat werd het begin van vriendschap en 10 dagen samen reizen. Kruger was droog, doods, lelijk. Maar wij als gouden spotterstrio slaagden erin om de big five meermaals op één dag te spotten. Als kleine kinderen joelden we telkens we een dier zagen, we parkeerden Desmond in een positie voor het beste zicht en de mooiste foto's. Ik heb me uitgeleefd met die camera!
Omdat Jamie Lee en Isabelle dezelfde plannen hadden, besloten we om samen verder te gaan. Met twee auto's weliswaar; Desmond en Dutchie. Na Kruger reden we zij aan zij door naar Swaziland waar we nog meer planteneters spotten. Hier mochten we wel gewoon wandelen dus trokken we 's morgens onze trekkies aan en stapten we de zebra's en pumba's tegemoet. Swaziland was alvast een pak groener en heuveligachtiger en we genoten van een stevige wandeling onder de hete zon.
Deze zon gaf ons hoop op een heerlijk relaxed dagje St Lucia; zon, zee en zwembad. Onderweg kwamen we echter al in een onweer terecht en eens aangekomen was het koud en nat. Na regen komt zonneschijn, maar niet in St Lucia. Ook de volgende dag konden we niet rekenen op strandweer dus maakten we maar een boottocht op het meer tussen de nijlpaarden en enkele krokodillen.
Jamie Lee en Isabelle hadden enkele tips meegekregen om dingen te doen en te bezoeken. Een daarvan was het oudste wildpark van Zuid-Afrika waar we hoopten nog een jachtluipaard en een leeuw van dichterbij te spotten. Na een uur kwamen we uit aan de andere kant van het park, niets gezien. Het was het foute park. In allerijl nog naar het juiste gereden maar onze magie zat niet goed en we zagen niet meer dan nóg meer olifanten, giraffen, zebra's, neushoorns (hoezo, uitstervende diersoort?!), impala's en kudu's. We hadden nog een hele rit naar Durban voor de boeg dus moesten we de teleurstelling verdragen en vaart zetten. Onderweg naar Durban trotseerden we nog meer noodweer; je zag geen meter voor ogen. Dat terwijl de Afrikanen maar klagen over aanhoudende droogte. We brengen dan toch geluk, misschien.
Onze passage in Durban was maar van korte duur; 's avonds laat aangekomen deden we het rustig aan 's morgens. Langs het strand was een nette, brede boulevard aangelegd die we rustig af slenterden om via het strand terug naar de pier te wandelen waar we lunchten met zicht op de Indische oceaan. Na de lunch vatten we onze laatste etappe samen aan; Drakensberg. Hoe hoger we reden, hoe natter het werd. De bergen verborgen hun schoonheid onder een laken van dichte mist. Ook de volgende dag was de rook nog niet om ons hoofd verdwenen toen we een brakke 4x4 instapten richting Sanipass en Lesotho. Gelukkig gebeurde nu het omgekeerde van de dag ervoor; hoe hoger we reden, hoe meer we van de zon zagen en de mist verdween. Maar mooie verhalen duren niet lang, op de pas zelf was het alweer dicht getrokken en stond er een strakke wind. I wanna love you but I get so blown away.
We bezochten nog een herdersdorp in Lesotho en de gids vertelde honderduit over fauna en flora en de plaatselijke cultuur.
En dan was het eerste moment van afscheid aangebroken. Ik vertrok donderdag, gisteren, naar mijn eerste wwoofadres hier in de bergen. Blijkt dat ik bij een Belg beland. Een Belg met paarden en een kleine permacultuurtuin. Het werk bestaat vooral uit de verzorging van paarden, het begeleiden van horse trails en wat werk in de tuin. Samen met een Frans meisje pas ik de komende twee weken op de boerderij terwijl hij naar België is. Een soort uitwisseling dus. In totaal blijf ik hier drie weken om dan richting het westen te gaan. Mij trip zal dan al halverwege zijn; ik kan niet tot eind januari blijven omdat ik geen visum heb. Namibië bezoeken telt niet als visum verlengen, dus zal ik half januari al moeten terugkomen en Namibië noord laten liggen. Het risico om de toegang tot Zuid-Afrika geweigerd te worden, neem ik liever niet.
Ik zei al dat het eerste afscheid met mijn Nederlandse vriendinnen reeds een feit was, maar niet voor lang. Gisterenavond zagen we elkaar al terug bij een optreden van het drakensberg boys choir. Een honderdtal jongens tussen pakweg 7 en 16 jaar, wit en zwart, verenigd door hun passie voor muziek. Ze brachten zowel klassieke als moderne stukken, solo, ensemble en instrumentaal. De ene met veel show, de ander eerder verlegen. Maar stuk voor stuk knappe prestaties en alles in een swingend Afrikaans jasje. En ook vanavond zie ik mijn vriendinnen al terug op de pizza-avond. Morgen gaan we nog paardrijden samen en dan gaan ze écht verder met hun trip, terwijl ik achterblijf tussen de Belg en Fransen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten